De vakbonden verliezen al jaren gestaag leden. Waar Nederland in het jaar 2000 nog 1,9 miljoen vakbondsleden telde, zijn dat er in 2025 nog maar 1,4 miljoen. Toch is de grootste vakbond van Nederland, FNV, hoopvol. “We zien dat de bezuinigingsplannen mensen weer activeren”, aldus Arjan de Boer (woordvoerder FNV).
Een verklaring voor de langdurige uitstroom van leden is veelzijdig. De Boer stelt onder andere dat er een natuurlijke uitstroom van de babyboomer generatie is. Deze generatie groeide op in de tijd van verzuiling, waar vakbondslidmaatschap vaak automatisch bepaald werd aan de hand van je familie en beroepsgroep. Daarbij is de mentaliteit geïndividualiseerd onder het langdurig neoliberaal beleid.
“Wij zijn eigenlijk slachtoffer van ons eigen polder succes.”
Poldermodel
Ook ziet de Boer het poldermodel van onderhandelen als een belangrijke boosdoener. Het poldermodel is de “typisch Nederlandse” manier van onderhandelen waarbij de vakbonden, werkgevers en de overheid samen aan tafel gaan zitten om compromissen te sluiten. “Met het poldermodel is de indruk ontstaan dat [de vakbonden] er wel uitkomen”, vindt de Boer. Met deze aanpak zijn successen geboekt, maar het zou ondertussen ook tot een pacificering van de arbeidersklasse hebben geleid. Dat terwijl succesvol onderhandelen een machtspositie vereist, en daar heb je nu eenmaal mensen voor nodig die bereid zijn te staken. “De dreiging [van de Nederlandse vakbeweging] is er een beetje uit. In andere landen zoals Frankrijk en België is het nog steeds gewoon om met de vakbond de straat op te gaan.” De Boer concludeert, “Wij zijn eigenlijk slachtoffer van ons eigen polder succes.”
“Jongeren kunnen geen huis betalen, ze kampen met torenhoge studieschulden en een vangnet wat onder ze weggetrokken wordt.”
Jongeren
Toch maakt de Boer zich geen zorgen over de toekomst van de vakbondsbeweging. De instroom van een groter wordend aantal jongeren stemt hem hoopvol. “Mensen zijn terecht woest over het kabinetsbeleid om de AOW, WW en WIA onnodig kapot te bezuinigen.” Hij ziet de huidige kabinetsplannen als een volgende stap in een langdurig proces van het onnodig wegbezuinigen van alle sociale vangnetten. Het voordeel daarvan is dat de problemen, veroorzaakt door de versoberingen, een groeiend klassenbewustzijn creëren en dus de nood van een sterke vakbondsbeweging duidelijker maakt voor jongeren. “De jongere generatie loopt keihard tegen het neoliberale beleid aan. Ze hebben enorme problemen: jongeren kunnen geen huis betalen, ze kampen met torenhoge studieschulden en een vangnet wat onder ze weggetrokken wordt. We zijn nodig.”
De Boer vindt dan ook dat het debat over de AOW, WW en WIA expliciet over jongeren en hun toekomst gaat, “als je als jongere over een aantal jaar je baan kwijtraakt, dan heb je mogelijk maar vier maanden recht op WW. Probeer in die korte tijd maar een nieuwe baan te zoeken om je onbetaalbare huur te betalen.”
Of het debat rondom de sociale zekerheid een langdurige positieve trend op de totale vakbondslidmaatschap teweeg zal brengen blijft de vraag. Wel is het zeker dat de vakbondsbeweging, met haar weigering om te polderen tot de bezuinigingen van tafel zijn, het kabinet nu ook al frustreert. Zo vond Dilan Yesilgoz op het VVD congres van een paar dagen geleden dat de vakbonden de economische groei en vooruitgang tegenwerken.