Tijdlijn
CvB negeert advies ethische commissie over banden Israël: Universiteitsraad stemt in
17 juni 2026
Billie Ifkiran
Student minor Journalistiek & Nieuwe Media ('25/'26)

15 van de 16 universiteitsraadleden hebben zojuist ingestemd met een positief advies voor een nieuwe beleidskoers omtrent de Universiteit Leiden’s banden met Israëlische partners. Toch zijn niet alle vóór-stemmers tevreden.

De nieuwe voorgenomen koers is een reactie op het adviesrapport van de deelcommissie mensenrechten en conflictgebieden. In dit rapport analyseert de commissie 12 lopende institutionele onderzoekssamenwerkingen met Israelische partners.

Commissieadvies
De commissie concludeert dat deze banden moreel- en juridisch belastend zijn vanwege de aanhoudende genocide en het aanneembare risico dat internationale samenwerking (1) de Israelische economische en institutionele infrastructuur kunnen versterken; (2) dat ze legitimiteit kunnen verlenen aan Israelische partners; (3) dat de samenwerkingen materigële- en immateriële steun kunnen verlenen aan Israelische partners; (4) en dat ook medewerkers aan de universiteit zich persoonlijk schuldig kunnen maken aan mensenrechtenschendingen en genocide.

Om deze redenen adviseerde de commissie het College van Bestuur (CvB) om voorlopig géén nieuwe banden meer aan te gaan met Israelische partners en om de 12 onderzochte banden direct op te schorten of te beëindigen.

“Als je weigert samen te werken met een fout regime neem je een politiek standpunt in.”

Voorgenomen beleidskoers
Het College van Bestuur koos ervoor om het advies gedeeltelijk op te volgen in hun nieuwe beleidskoers. Zo gaat de universiteit geen nieuwe banden meer aan met Israelische partners tot er een wegingskader is ontwikkeld voor ‘ethisch verantwoorde’, institutionele samenwerkingen. Het is de bedoeling dat dit uitgewerkte kader aan het einde van het kalenderjaar op tafel staat, maar een concrete tijdlijn blijft uit. Op de relevante vraag – vanuit de raad – onder welke condities de banden in de toekomst weer aangehaald kunnen worden, kwam simpelweg geen antwoord. 

Ook blijkt het beëindigen of opschorten van bestaande samenwerkingen problematisch voor het CvB. Opschorting zou namelijk neerkomen op beëindiging en dit zou voor de al bestaande banden onwenselijk zijn. Zo zou beëindiging onder andere (1) niet genoeg rekening houden met de ‘humanitaire’ doelen van bepaalde samenwerkingsprojecten; (2) de reputatie van de universiteit kunnen schaden; (3) de universiteit niet de kans geven om projecten met haar ‘expertise in onderzoeksethiek’ positief te beïnvloeden; (4) en de academische vrijheid schaden.

Daarom vindt het CvB dat alleen banden met partners met een bewezen, ‘problematische’ verwevenheid met het Israelische leger afgebouwd of beëindigd zouden moeten worden. Maar zelfs bij die banden wil het CvB voorlopig liever niets garanderen. Ze willen namelijk eerst de juridische consequenties laten onderzoeken.

“Een belangrijk punt is dus dat [de universiteit] niet over gaat op een algemene academische boycot”, zegt Sarah de Rijcke (rector magnificus) tijdens de vergadering. Luc Sels (voorzitter CvB) voegt daar later nog aan toe dat “als je weigert samen te werken met een fout regime neem je een politiek standpunt in. Maar als je weigert samen te werken met een partner in bepaalde specifieke projecten omdat dat tot directe mensenrechtenschendingen leidt, dan handel je slechts naar je waarden.”

“Het feit dat er in de laatste 80 jaar überhaupt banden waren met een apartheidsstaat spreekt van een onbegrijpelijk moreel falen.”

Vertragingstactiek
De overwegingen van de universiteit zijn vooral “hallucinant” en ”ontoereikend”, vindt een raadslid dat liever anoniem blijft. Ze vind het belachelijk en voorspelbaar dat de universiteit onder andere het legitimiteits-argument negeert en geen algemene academische boycot oplegt aan Israël. “De academische vrijheid van Israelische instanties en de reputatie van onze universiteit worden alweer als vertragingstactiek gebruikt om het materiële geweld waar wij ons schuldig aan maken wit te wassen.” 

Een woordvoerder van Students For Palestine (SfP) beaamt dit. “Al jaren vóór de genocide en vóór het oprichten van de commissie spraken studenten en medewerkers zich uit tegen de medeplichtigheid aan mensenrechtenschendingen in Palestina. Het feit dat er in de laatste 80 jaar überhaupt banden waren met een apartheidsstaat spreekt van een onbegrijpelijk moreel falen. Deze zoveelste vertraging van het verbreken van de banden was onnodig en wijst op het bloed aan de handen van het Nederlands hoger onderwijs.”

Toch heeft het raadslid met de nieuwe koers ingestemd en is ze blij dat de raad tot een positief advies is gekomen. “De nieuwe koers is een voorzichtig stapje in de juiste richting. Een negatief advies zou alleen maar een jarenlang durend proces nog verder vertragen.”

17 juni 2026 |
Billie Ifkiran
Student minor Journalistiek & Nieuwe Media ('25/'26)