Hoe deze Leidenaar 100 jaar geleden geschiedenis schreef – en waarom we zo weinig over hem weten
1 juni 2026
Lonneke van der Lei
Student Geschiedenis, Minor Journalistiek en Nieuwe Media

Wie in Leiden op straat aan voorbijgangers vraagt wie de meest invloedrijke Nederlander tijdens de Tweede Wereldoorlog was, krijgt naast veel verwarde blikken waarschijnlijk vaak dezelfde antwoorden. Namen zoals Anne Frank en Anton Mussert kennen de meeste Leidenaren wel. Tragisch, want een belangrijk figuur in de geschiedenis van de Tweede Wereldoorlog woonde in Leiden.

https://cdn.knightlab.com/libs/timeline3/latest/embed/index.html?source=1c_sgXFNuuRsEZi-BTSLzyl4Ma5Qk9kQwZWBEN_PC39M&font=Default&lang=en&initial_zoom=2&height=500

Marinus van der Lubbe wist op controversiële wijze de wereldgeschiedenis te veranderen door op 27 februari 1933 de Rijksdag, het Duitse parlementsgebouw, in brand te steken. Al de volgende dag werden de desastreuze gevolgen duidelijk; met de invoering van het Rijksdagbranddecreet wist de Duitse regering verschillende rechten zoals vrijheid van meningsuiting en persvrijheid aan banden te leggen. Tientallen communisten werden gearresteerd en de gebeurtenis werd gebruikt om een paar weken later het Duitse parlement buitenspel te zetten.  

In 1909 werd Marinus van der Lubbe geboren in een arm gezin in de Morsstraat in Leiden. Zijn vader verliet het gezin toen Marinus slechts zeven jaar oud was. Daarom besloot zijn moeder elders werk te zoeken. Het gezin verhuisde in de jaren ’10 van de vorige eeuw regelmatig, tot de moeder van Marinus in 1921 overleed. Marinus belandde bij familie in Oegstgeest. Hij werkte overdag als leerling-metselaar te werken en volgde in de avonden de ambachtsschool. Op zijn zestiende sloeg het noodlot toe. Bij een bedrijfsongeval raakten zijn ogen beschadigd en werd hij arbeidsongeschikt. 

Datzelfde jaar werd Marinus lid van de Communistische Jeugdbond en raakte hij betrokken bij de werklozenbeweging in 1929. Hij was een zeer bevlogen communist die meerdere pogingen deed om naar de Sovjet-Unie en China te reizen. Zijn poging om alleen naar de Sovjet-Unie te reizen werd Marinus niet in dank afgenomen door zijn partijgenoten. Daarom besloot hij in 1931 zijn lidmaatschap op te zeggen. Hij kwam in contact met het radencommunisme, een stroming die stelt dat de revolutie geleid moet worden vanuit de arbeidsbewegingen. Hij bleef actief binnen het radencommunisme tot zijn vertrek naar Berlijn. 

Dat Marinus eenmaal in Berlijn daadwerkelijk de Rijksdag in brand heeft gestoken, mag volgens Dennis Bos duidelijk zijn. “Hij werd in de Rijksdag met een brandend overhemd in de hand op heterdaad betrapt door een aantal politieagenten.” Maar veel nazi’s betwijfelden of hij dit wel in zijn eentje had kunnen doen. Een complottheorie ontstond, die stelde dat Marinus van der Lubbe hulp zou hebben gekregen van Duitse communisten. De dag na de Rijksdagbrand werd een wet aangenomen om de doodstraf met terugwerkende kracht weer in te voeren. Marinus werd met vier andere communisten terechtgesteld. Hij werd ter dood veroordeeld en overleed op 10 januari 1934 in Leipzig. 

Bos vertelt dat ook tijdens de rechtszaak complottheorieën ontstonden. “Marinus kwam erg verdoofd over en zei bijna niets. Persoonlijk denk ik dat hij tijdens het proces zeer depressief was. Hij hoopte echt dat hij met het aansteken van deze brand een spontane revolutie in Berlijn kon ontketenen.” Al snel ontstond het gerucht dat Marinus van der Lubbe gedrogeerd zou zijn door de nazi’s. En het lijkt niet te verdwijnen; twee maanden geleden is het lichaam van Marinus van der Lubbe opgegraven en onderzocht op sporen van drugs. 

Niet alleen nationaalsocialisten kwamen met wilde theorieën over de Rijksdagbrand. Een aantal communisten publiceerden het boek ‘Bruinboek’ waarin beweerd wordt dat Marinus homoseksueel was en door homoseksuele nazi’s gebruikt werd. Via geheime tunnels zouden deze nazi’s uit de Rijksdag ontsnapt zijn, waarna de achtergelaten Marinus onterecht zou zijn gearresteerd. Verschillende communistische vrienden van Marinus betogen in hun boek ‘Roodboek’ aan de hand van een reisverslag en hun herinneringen aan hun overleden kameraad dat Marinus wel degelijk zelfstandig had gehandeld. In de jaren ’60 kwam Duitse journalist Fritz Tobias met bewijs dat Marinus van der Lubbe zelfstandig de brand had aangestoken. 

1 juni 2026 |
Lonneke van der Lei
Student Geschiedenis, Minor Journalistiek en Nieuwe Media