In de grote bioscoopzalen blijven steeds meer stoelen leeg. Waar mensen eerst in de rij stonden voor kaartjes voor de nieuwe blockbuster, moeten bioscopen tegenwoordig alles uit de kast halen om publiek te trekken. Tegelijkertijd bloeien alternatieve filmhuizen juist weer op. Hoe kan het dat juist in een tijdperk van ongekende filmproductie, de traditionele bioscoop het verliest van het kleinschalige filmhuis?
De Bioscoop Monitor laat zien dat steeds minder mensen naar de bioscoop gaan. Ten opzichte van 2024 zijn er vorig jaar ruim 28 miljoen minder kaartjes verkocht. In de filmhuizen, waar een onafhankelijker en minder commercieël filmaanbod is, stijgen de aantallen juist. Waar in 2024 nog 14% van de ondervraagden een filmhuis bezocht, was dit in 2025 zo’n 16%. Volgens de monitor gaan filmhuisbezoekers, in vergelijking tot bioscoopbezoekers, ook veel vaker buitenshuis een film kijken.
De verschuiving lijkt voor een deel te kunnen worden verklaard door veranderend kijkgedrag. Door de opkomst van streamingsdiensten, is de filmwereld ongekend veranderd. Voor een vast bedrag per maand krijgen kijkers thuis toegang tot een grote catalogus aan films. De noodzaak om naar de bioscoop te gaan om een goeie film te kunnen zien, is hierdoor afgenomen. Voor de tijd van streamingsdiensten, moesten mensen een film kopen of huren om deze thuis te kunnen zien. Tegenwoordig zijn veel films, zowel internationale blockbusters als nationale hit-films, gemakkelijk thuis op de bank te zien. Niet alleen het gemak van een avondje thuis film kijken speelt mee, maar ook de kosten: een Netflix-account is per maand voordeliger dan een bezoek aan de bioscoop. Tegenwoordig kost één filmkaartje zo’n 12 euro, exclusief de extra toeslagen voor bijvoorbeeld een IMAX-film. Een Netflix abonnement is aan te schaffen vanaf 10 euro, en biedt daarmee ruim 8400 films aan. Qua kosten winnen streamingsdiensten het zo van de grote bioscopen.
Ook de beleving speelt een rol. Grote bioscopen investeerden de afgelopen jaren in luxe stoelen en premium zalen, maar dit blijkt niet altijd voldoende om bezoekers te trekken. Emy Voogt, studente Film en Literatuurwetenschappen aan de Universiteit Leiden, ziet dat filmhuizen dit slimmer doen. “In een filmhuis is gewoon meer sfeer: het gaat niet alleen om de film, maar ook de ervaring eromheen. De zalen zijn huiselijker en je komt gelijkgestemde cinefielen tegen, mensen die echt komen voor de culturele ervaring van zo’n film. Dat speelt voor veel filmliefhebbers ook mee.” Daarnaast bieden filmhuizen vaak alternatievere films aan dan de commerciële bioscopen. Documentaires, arthouse films en internationale cinema zijn in een filmhuis op het grote doek te zien, terwijl deze films anders moeilijk te vinden zijn. “De groep die in een filmhuis komt is klein, maar erg fanatiek. Je gaat niet zo maar naar de film, in een filmhuis ga je echt een avondje uit,” aldus Voogt.
Daarnaast lijkt er sprake te zijn van ‘block-buster moeheid’. Waar het aanbod van de bioscoop vroeger verraste, voelt het aanbod voor sommigen nu voorspelbaar. Een groot deel van de films die te zien zijn in de bioscoop vallen onder het actie- of superhelden-genre en bieden dus niet veel variaties. Van veel films komen tegenwoordig ook vaak remakes, hermakingen van oude verhalen, of sequels, een tweede deel van een film. Zo ook “The Devil Wears Prada 2“, de opvolger van de originele film met Meryl Streep en Anne Hathaway. Het eerste deel kwam in 2006 uit. Nu, 20 jaar na deze release, is besloten een tweede deel van de film te maken. “Dit voelt niet meer als een nieuwe film, maar als een makkelijk verdienmodel. Het origineel was enorm populair en winstgevend, dus het idee is dat een sequel net zo winstgevend zal zijn,” zegt Voogt. De originaliteit van het programma in filmhuizen lijkt zo een positievere invloed te hebben op de bezoekersaantal.

Toch geven al deze cijfers geen volledig beeld. Grote bioscopen trekken namelijk nog steeds volle zalen, bijvoorbeeld bij grote premières en spektakelfilms. Zo trok de film ‘Avatar III’ van regisseur James Cameron afgelopen februari nog de miljoenste bezoeker in Nederland, nog geen drie maanden nadat de film in première was gegaan. Er zijn dus nog steeds veel filmliefhebbers die graag naar de grote bioscopen toe gaan, maar dat bezoek concentreert zich steeds vaker rond een beperkt aantal grote titels. Buiten die piekmomenten blijven de zalen vaker leeg en wint het filmhuis terrein als plek voor een meer constante en inhoudelijke filmbeleving.