Wie ’s avonds door het Stationsdistrict in Leiden loopt, merkt dat de sfeer anders kan zijn dan in andere delen van de stad. Bewoners geven aan zich hier vaker onveilig te voelen. Vooral in de avonduren ligt dat gevoel duidelijk hoger dan het Leidse gemiddelde.
Uit cijfers uit 2023 blijkt dat 25,9% van de bewoners in het Stationsdistrict zich weleens onveilig voelt in de eigen buurt, tegenover 17,7% in Leiden als geheel. Ook op andere indicatoren scoort de wijk slechter: zo voelen bewoners zich ’s avonds onveilig en vermijden zij vaker bepaalde plekken.
Deze cijfers wijzen erop dat het veiligheidsgevoel in het Stationsdistrict structureel onder druk staat. Maar waar komt dat vandaan?
De tweede grafiek geeft daar meer inzicht in. Daaruit komt één factor duidelijk naar voren: verwarde personen. Dit wordt het vaakst genoemd door bewoners en scoort hoger dan bijvoorbeeld rondhangende jongeren of dronken mensen op straat.
Deze bevinding sluit aan bij eerdere berichtgeving in de media. Volgens een artikel van het AD is overlast door verwarde personen al jaren hoog en de meest voorkomende vorm van overlast. Die ontwikkeling speelt minstens sinds 2011 en lijkt sindsdien nauwelijks af te nemen.
De aanwezigheid van verwarde personen in de openbare ruimte hangt samen met bredere maatschappelijke ontwikkelingen, zoals tekorten in geestelijke gezondheidszorg en de aanpak van dakloosheid. In praktijk is er vaak overlap: een deel van de mensen die als ‘verward’ wordt gemeld, heeft ook te maken met dakloosheid of een instabiele woonsituatie. Hierdoor komen sociale en zorgvraagstukken samen in de openbare ruimte.
Hoewel deze problematiek zich op landelijk niveau afspeelt, worden de gevolgen lokaal voelbaar. In het Stationsdistrict ervaren bewoners dagelijks de impact hiervan in hun directe leefomgeving.
De gemeente zoekt ondertussen naar manieren om hier beter mee om te gaan. Zo wordt gekeken naar alternatieven voor het beboeten van daklozen, omdat dit de situatie volgens betrokkenen vaak verergert in plaats van oplost. Ook in de lokale politiek is het onderwerp actueel: er zijn vragen gesteld over de situatie rondom de daklozenopvang en het toenemende aantal verwarde personen in en rond het Stationsdistrict, waar sprake zou zijn van spanningen en overlast.
Dat het gevoel van onveiligheid niet volledig samenhangt met criminaliteit, blijkt uit de cijfers. Het criminaliteitscijfer in de wijk (10,1%) ligt namelijk relatief dicht bij het Leidse gemiddelde (8,2%). Toch ligt het onveiligheidsgevoel aanzienlijk hoger.
Volgens politiekundige Simone Schoonen, die onderzoek deed naar de veiligheidsbeleving, ligt de verklaring vooral in hoe mensen situaties ervaren. “Veiligheidsgevoel is in de kern subjectief”, legt ze uit. “Vooral de onvoorspelbaarheid van gedrag speelt een grote rol. Mensen vinden het lastig om in te schatten wat iemand met verward gedrag gaat doen, en juist dat maakt situaties spannend.”
Daarnaast wijst Schoonen op de rol van de media. “Berichtgeving over incidenten met mensen met verward gedrag kan het gevoel van onveiligheid versterken. Daardoor kan het probleem groter aanvoelen dan mensen zelf direct ervaren.”
De cijfers laten daarmee zien dat veiligheid niet alleen draait om criminaliteit, maar ook om beleving. Juist zichtbare overlast, zoals verward gedrag op straat, kan een grote invloed hebben op hoe veilig bewoners zich voelen in hun eigen buurt.