Dataproductie
Minder donorbehandelingen in Nederland: wetgeving, wantrouwen en bewustere keuzes
23 maart 2026
Karlijn Smit
Student minor Journalistiek en Nieuwe Media 2025/2026. Bachelors Rechtsgeleerdheid en Geschiedenis.

Het aantal behandelingen met donorzaad en donoreicellen in Nederland daalt. Dat gebeurt terwijl de vraag naar vruchtbaarheidszorg niet afneemt. Juridisch experts zien een combinatie van strengere wetgeving, negatieve berichtgeving en veranderende keuzes van wensouders als mogelijke verklaring.

Het aantal donorbehandelingen neemt af, en volgens experts komt dat onder meer doordat donoren minder anoniem zijn en het vertrouwen in het systeem onder druk staat. Voor veel donoren is dat een dealbreaker. 

Een belangrijke oorzaak ligt in de wetgeving. Sinds 2004 is anoniem doneren verboden en worden donoren geregistreerd. Donorkinderen kunnen later gegevens opvragen over hun biologische ouder.

Volgens juridisch adviseur Saskia Westbroek is dat een duidelijke drempel: veel donoren willen niet dat hun identiteit bekend wordt of dat er mogelijk contact ontstaat. Daardoor neemt de bereidheid om te doneren af.

Ook recente wetswijzigingen spelen mee. Advocaat Jo-an van der Tol merkt op dat de regels sinds april 2025 strenger zijn geworden, onder meer door beperkingen op het aantal donaties en een grotere nadruk op de rechten van donorkinderen. Volgens Westbroek heeft ook dit een mogelijke invloed op de bereidheid van donoren.

Schandalen en ‘massadonoren’ ondermijnen vertrouwen 

Naast wetgeving speelt ook beeldvorming een grote rol. Beide experts wijzen op de impact van negatieve berichtgeving over misstanden in de sector.

Westbroek noemt voorbeelden van massadonoren en artsen die hun eigen zaad gebruikten. Zulke verhalen kunnen zowel potentiële donoren als wensouders afschrikken. Het vertrouwen in klinieken en het systeem krijgt daardoor een klap.

Van der Tol ziet hetzelfde effect: negatieve publiciteit kan mensen terughoudend maken om donor te worden of juist om gebruik te maken van donormateriaal.

Opvallende piek in 2021

Opvallend is dat er in 2021 juist een sterke stijging was. In dat jaar werden in totaal 1624 behandelingen met donorzaadcellen geregistreerd. Meer dan ooit.

Volgens de gegevens van het college donorgegevens kunstmatige bevruchting (Cdkb) kan dit deels worden verklaard doordat behandelingen die in 2020 vanwege de coronapandemie niet doorgingen, in 2021 zijn ingehaald.

Daarnaast ziet van der Tol nog een andere mogelijke verklaring. Zij wijst op de doorwerking van de wet uit 2004, waardoor donorkinderen later gegevens kunnen opvragen. De aandacht daarvoor in de media kan mensen hebben gestimuleerd om donor te worden en anderen te helpen.

Steeds vaker een donor uit de eigen kring

Wat ook verandert, is de manier waarop wensouders een donor zoeken. Steeds vaker kiezen zij iemand uit hun eigen omgeving, zoals een vriend of familielid.

Van der Tol ziet dat vooral bij duomoeders. Zij denken bewuster na over de rol van de donor in het leven van het kind. “Kinderen kunnen opgroeien met de donor”. Dat betekent niet automatisch dat er contact is, maar de mogelijkheid is er wel. 

Volgens haar is dit onderdeel van een bredere ontwikkeling: wensouders houden meer rekening met de identiteit en belangen van het kind.

Minder buitenlandse donoren, meer controle

Daarnaast maken Nederlandse klinieken minder gebruik van internationale donoren. Het ontbreken van goede internationale registers en eerdere misstanden maken dat risicovol.

De potjes waarin het donorzaad wordt opgeslagen. Foto: Pexels (CC0).

Volgens van der Tol is dit een “gezonde ontwikkeling”. Wensouders worden volgens haar gedwongen om bewuster na te denken over hun keuzes en de gevolgen daarvan voor het kind.

Minder aanbod, grotere afwegingen  

De daling in donorbehandelingen is het gevolg van meerdere factoren tegelijk: strengere wetgeving, negatieve berichtgeving en veranderende maatschappelijke opvattingen. Tegelijkertijd ontstaat er een verschuiving naar meer openheid en bewustere keuzes.

Wat voor minder donoren zorgt, lijkt volgens experts ook te leiden tot een zorgvuldiger en kindgerichter systeem.

23 maart 2026 |
Karlijn Smit
Student minor Journalistiek en Nieuwe Media 2025/2026. Bachelors Rechtsgeleerdheid en Geschiedenis.