Als je een maand geleden had gezegd dat een grote groep invloedrijke elites betrokken was bij de seksuele uitbuiting van jonge meisjes rond Jeffrey Epstein, dan was je waarschijnlijk weggezet als complotdenker. Maar nu, meer dan een maand later, blijkt dat het netwerk rond Epstein veel omvangrijker was dan lange tijd werd gedacht. Hadden al die mensen met hun conspiracytheorieën dus toch gelijk? En wat zegt dat over de toekomst?
Complottheorieën worden vaak gezien als iets voor mensen die geen vertrouwen hebben in politieke instituties of voor mensen die de chaos van de wereld liever begrijpen via een samenzwerend verhaal. Die mensen werden door een groot deel van de samenleving vaak weggezet als ‘wappies’. Toch ligt de werkelijkheid vaak complexer. Volgens Amber de Gooijer, afgestudeerd in psychologie en die voor haar scriptie onderzoek heeft gedaan naar complottheorieën, ontstaan complottheorieën vaak “wanneer burgers het gevoel hebben dat machtige mensen niet ter verantwoording worden geroepen”. Wanneer instituties falen of ondoorzichtig handelen, ontstaat er ruimte voor wantrouwen en alternatieve verklaringen.
De Epstein-zaak lijkt voor veel mensen precies zo’n moment te zijn. Er zitten veel bizarre elementen in het Epstein-verhaal, wat inmiddels heeft geleid tot de arrestatie van voormalig prins Andrew in het Verenigd Koninkrijk op verdenking van wangedrag in een openbaar ambt. Maar een van de meest verontrustende ideeën is dat complottheoretici hier wel eens gedeeltelijk gelijk in zouden kunnen hebben. Andrew is niet de enige royal die met de zaak in verband wordt gebracht, ook de Noorse prinses Mette-Marit, de vrouw van kroonprins Haakon, ligt onder vuur nadat bekend werd dat zij jarenlang contact heeft gehad met Epstein. Uit documenten blijkt dat de prinses nog contact had met Epstein nadat hij in 2008 was veroordeeld voor seksueel misbruik.
Jarenlang waren alleen de grote lijnen van Epsteins daden bekend. Dat het netwerk om hem zo omvangrijk en internationaal was, hadden weinig mensen verwacht. En dan nog te beseffen dat dit nog maar de helft van alle documenten is. President Trump ligt namelijk onder vuur, omdat hij op meerdere foto’s te zien is en Epstein zelfs naar hem, refereert als ‘zijn beste vriend’. Waar is zijn verhaal? Trump ontkent alle betrokkenheid bij strafbare feiten, maar zijn naam blijft opduiken in discussies over het netwerk rond Epstein. We hebben de neiging om complotdenken te zien als een gebrek aan kritisch of rationeel denkvermogen. En inderdaad klopt complotdenken meestal niet: de maanlanding heeft plaatsgevonden, covid was echt en vaccins bevatten geen microchips. Maar de Epstein-zaak laat ook zien dat systemen kunnen falen. De instituties die bedoeld zijn om mensen ter verantwoording te roepen en kwetsbare personen te beschermen, functioneerden jarenlang onvoldoende. Epstein werd al in 2008 veroordeeld voor zedendelicten, maar wist daarna toch zijn netwerk en invloed te behouden.
Zelfs nu nog blijven veel documenten gedeeltelijk geheim of zwaar geredigeerd door het Amerikaanse ministerie van Justitie. Volgens verschillende leden van het Amerikaanse Congres bevatten de achtergehouden dossiers de namen van meerdere invloedrijke personen die mogelijk in verband staan met Epstein. Wat dus uit de Epstein-files naar voren komt, lijkt voor sommigen inderdaad op de bevestiging van een complot. De theorieën rondom Epstein en zijn netwerk van machtige mensen gingen al jaren rond. Nu delen van die theorieën worden bevestigd, zullen complotdenkers zich waarschijnlijk gesterkt voelen en mogelijk in aantal toenemen.
Ook internationale media wijzen op dat risico. In een analyse schrijft de Britse krant The Guardian dat complotdenkers vaak groeien in een klimaat van wantrouwen tegenover instituties. Volgens de krant kunnen affaires zoals die rond Epstein het vertrouwen in politiek, media en rechtspraak verder ondermijnen, omdat het falen van systemen en het gedrag van elites het wereldbeeld van complotdenkers lijkt te bevestigen.De vraag is daarom niet alleen wat er in de Epstein-files staat. De grotere vraag is wat deze zaak doet met het vertrouwen van burgers in de instituties die hen zouden moeten beschermen.