achtergrondartikel
Kappen met al die doelstellingen: met lokale energie van windmolens kunnen we de vraag naar stroom beter aan
4 maart 2026
Willemijn Muntinga
Student Pre-Master Journalistiek en Nieuwe Media (2025/2026).

Windenergie is de grootste groene stroombron van Nederland en cruciaal voor het klimaatbeleid. Kabinet Rutte III streefde naar 21,5 Gigawatt (GW) windvermogen in 2030, maar het kabinet van ‘klimaatdrammer’ Jetten verhoogt die lat en wil in 2040 40 GW geïnstalleerd vermogen behalen. Wie zijn de gebruikers van windenergie en wat vinden zij van deze doelen?

Thijs Afman, oprichter van Green Grid Solutions en oud-directeur van Prowind, valt niet voor de mooie woorden van het kabinet. ‘Intrinsieke motivatie om duurzame energie op te wekken is veel belangrijker dan al die doelstellingen.’ Vanuit die onverwoestbare motivatie richtte hij in 2025 Green Grid Solutions op: een bedrijf dat organisaties helpt de capaciteit van het elektriciteitsnet slimmer te benutten. Dat is hard nodig, want Nederland heeft een energieprobleem: netcongestie. ‘Netcongestie is een soort file op het elektriciteitsnet: de vraag naar stroom is groter dan de transportcapaciteit van het net’, legt Afman uit. ‘Maar de aansluiting op het net hebben we wel nodig. ’ Hoe dit precies werkt, licht Afman uitgebreid toe op zijn LinkedIn Pulse.

Lokale energie van Smart Energy Hubs

De aansluiting op het net faciliteert de organisatie met ‘Smart Energy Hubs’. In deze hubs komen lokale energieopwekking, opslag (batterijen) en vraag (bijvoorbeeld laadpalen voor elektrische voertuigen) samen. De lokaal opgewekte energie komt onder andere van windmolens. En hoewel windenergie wordt omarmd als een duurzame oplossing, blijkt de bereidheid om een windmolen in de eigen achtertuin te plaatsen onveranderd laag. Milieudefensie licht daarom de waarheden en onwaarheden over windmolens toe op haar site.

Toch moeten we de oplossing lokaal zoeken, vindt Afman. ‘Als we windenergie veel meer lokaal gaan opwekken, kun je de grote druk op het net echt verkleinen.’ Bovendien is Nederland dan minder afhankelijk van gas uit andere landen, zoals de Verenigde Staten en Rusland. ‘De klimaatdoelstelling is dus lang niet meer de grootste drive achter windenergie’, ziet Afman.

Voorbij de internationale doelen

De lokale oplossingen staan in dienst van de ambities die Nederland heeft vastgelegd in internationale klimaatafspraken. Het Energieakkoord voor Duurzame Groei verplicht Nederland tot energiebesparing en duurzame energieopwekking, en het Klimaatakkoord van Parijs moest ervoor zorgen dat de opwarming van de aarde ruim onder de 2°C zou blijven. Om deze doelstelling te halen, maakt de Nederlandse overheid onder andere gebruik van Contracts for Difference (CfD’s). Hiermee wordt de onzekerheid voor ontwikkelaars over de stroomprijs verminderd door een minimumprijs te garanderen, terwijl overmatige winsten worden belast.

Hoewel het Klimaatakkoord van Parijs een cruciale internationale basis legt, benadrukt Afman dat echte verandering voortkomt uit intrinsieke motivatie. ‘Gaat het om het nakomen van wereldwijde afspraken, of vind je duurzame energie simpelweg onmisbaar? Als je de energietransitie serieus neemt, moet je gewoon aan de slag. Doelstellingen zijn slechts een stok achter de deur voor wie anders niets zou doen.’ Of de drijfveer nu idealisme of verplichting is: windmolens op zee blijven onmisbaar. De Noordzee biedt immers de beste windomstandigheden: met windsnelheden die 20 tot 30 procent hoger liggen dan op land, hebben windmolens op zee een groot vermogen. Met de Noordzee als drijvende kracht, ligt de sleutel tot succes niet in de hoogte van de doelstellingen, maar in de vastberadenheid om ze waar te maken.

4 maart 2026 |
Willemijn Muntinga
Student Pre-Master Journalistiek en Nieuwe Media (2025/2026).