Corona in Nederland: verleden tijd of voor altijd onder ons?
20 juni 2022
Jasmijn van Gasteren
Student Minor Journalistiek en Nieuwe Media (2021-2022).
Een computer gegenereerde afbeelding van SARS-CoV-2. Foto: Felipe Esquivel Reed (CC BY-SA 4.0)

Afgelopen maart was het alweer twee jaar geleden dat Nederland volledig in lockdown ging als gevolg van de coronacrisis. Hebben we de tijd van lockdowns achter ons gelaten, of is een zomer met oude maatregelen niet ondenkbaar?

Eerder dit jaar leek er een einde te zijn gekomen aan een leven met coronamaatregelen in Nederland. Zo verdween in maart de mondkapjesplicht en het zogenaamde 1G-beleid (Testen voor Toegang) en ook in april werden de laatste adviezen omtrent het coronavirus losgelaten, zoals het advies om in quarantaine te gaan na contact met iemand met corona. Inmiddels is een leven met deze maatregelen bijna niet meer voor te stellen. Hoe begon de coronacrisis ook alweer?

Op 27 februari 2020 werd het eerste coronageval in ons land geconstateerd, een man uit het Brabantse Loon op Zand. Later bleek dat er al meer mensen waren die het virus hadden opgelopen, wat waarschijnlijk gebeurde tijdens de carnavalsvieringen in het zuiden van het land. Meer besmettingen volgden en begin maart worden de eerste adviezen tegen de verspreiding van het coronavirus bekendgemaakt, zoals handen wassen, in de elleboog niezen en geen handen meer schudden.

De eerste verregaande maatregelen worden tijdens de persconferentie van 15 maart 2020 aangekondigd door minister Bruins (VWS) en minister Slob (OCW): er moet 1,5 meter afstand worden gehouden waar mogelijk, en scholen en de horeca gaan dicht. Het was het begin van de eerste lockdown in Nederland, de eerste van de vele lockdowns die nog zouden volgen.

In de tijd die volgde worden er meer dan zes miljoen positieve coronatesten geconstateerd. Het virus zou zich blijven muteren. Eerste werden deze mutaties vernoemd naar de plek waar deze voor het eerst opdoken, zoals bij de zogenaamde Britse en Zuid-Afrikaanse variant. Later stapte de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) over op Griekse letters. Met name de deltavariant winde snel terrein: die was besmettelijker dan de eerdere types en maakte mensen erg ziek.

De opluchting was daarom ook groot toen bekend werd dat de omikronvariant die volgde op delta minder ziekmakend was. Desondanks menen wetenschappers dat dit niet betekent dat een volgende variant daarom ook een stuk milder gaat zijn.

Het is daarom niet gek dat de nieuwe omikronvarianten BA.4 en BA.5 nauwlettend in de gaten worden gehouden. Deze varianten worden in rap tempo steeds dominanter in Nederland. Dit blijkt uit onderzoek van de Amsterdam Regional Genomic epidemiology and Outbreak Surveillance (ARGOS), een samenwerkingsverband tussen het Amsterdam UMC en de GGD Amsterdam. Het onderzoek is gebaseerd op de positieve coronatesten die de GGD afneemt.

In een week tijd zijn het aantal coronabesmettingen met de BA.4 en de BA.5 varianten verdubbeld. Waar deze varianten eerst verantwoordelijk waren voor 27 procent van de gevallen, gaat dat nu om 54 procent. Voor het eerst zorgt niet de in Nederland heersende BA.2 variant voor de meeste coronabesmettingen, maar zijn dit de nieuwkomers BA.4 en BA.5.

Volgens Marit van Gils, professor virologie aan het Amsterdam UMC, is het lastig te zeggen hoe zo’n virus zich verder zal ontwikkelen. Volgens Gils zwakt een virus af naarmate het het muteert, maar zijn er altijd uitzonderingen op de regel: “Een virus gedraagt zich over het algemeen hetzelfde, maar dit is geen wet van Meden en Perzen.”

Een zomer met coronamaatregelen lijkt opeens niet meer ondenkbaar. Het is haast onvermijdelijk dat deze ontwikkeling zal leiden tot een toename van het aantal coronabesmettingen in Nederland, maar of deze toename ook zal leiden tot een nieuwe lockdown, is niet zeker.

20 juni 2022 |
Jasmijn van Gasteren
Student Minor Journalistiek en Nieuwe Media (2021-2022).