Achtergrondartikel
Het Leids Stationsgebied is toe aan vernieuwing
8 maart 2021
Sanne De Weers
Student minor Journalistiek en Nieuwe Media 2020/2021
Tijdelijke ontmoetingsplek ‘De Buurt’ Gelegen aan de achterkant van Leiden Centraal Station. Foto: Peter de Wit (CC BY 2.0)

Leiden Centraal wordt elke dag bezocht door duizenden mensen. Dit belangrijke knooppunt moet heringericht worden. Er moeten meer woningen, werkplaatsen, fietsenstallingen, horeca en groen komen. Maar de meningen verschillen over hoe dit verwezenlijkt moet worden.

Het drukbezochte knooppunt Leiden Centraal is toe aan vernieuwing. In 2012 werden de eerste kaders voor de herontwikkeling van het stationsgebied gepresenteerd. In de tussentijd hebben er enkele kleine verbouwingen plaatsgevonden. Toch heeft de grote herinrichting nog niet plaatsgevonden. De gemeente heeft vorige maand een concept van hun gebiedsvisie gedeeld.

Vorige maand heeft de gemeente Leiden ook 4,05 miljoen euro van het rijk gekregen voor woningbouwprojecten rondom het stationsgebied. De vraag is nu: waarom duurt dit project zo lang? En kunnen de verschillende partijen het eens worden over welke gebiedsvisie passend is?

Duurzaamste kilometer

In de gebiedsvisie van de gemeente staat dat er fors meer woningen en kantoorplekken gebouwd worden. De eerste stap hiervoor is al gezet. Aan de stadskant van het station staat het gloednieuwe Lorentz gebouw. In dit gebouw zitten huurwoningen, winkels, kantoren en een fietsenstalling. De Lorentz gaat nog uitbreiden met meer kantoren en een parkeergarage. De gemeente wil hiermee een stukje van het woningtekort oplossen.

De bouw van Lorentz fase 1 Foto: Steven Lek (CC BY-SA 4.0)

Ook staat in de gebiedsvisie dat het stationsgebied onderdeel moet worden van de duurzaamste kilometer van Nederland. Met duurzame gebouwen en veel groen. De gemeente wil het zogenaamde ‘versnipperde groen’ voorkomen en gaan voor grote aaneengesloten stukken groen. Hiermee hopen ze de stedelijke biodiversiteit te bevorderen, hittestress te verminderen en de gevolgen van zware regenbuien te vertragen. Peter Heida, de Projectmanager Knooppunt Leiden zegt dat de gemeente er alles aan doet om dit te verwezenlijken. “De vraag is natuurlijk altijd: wanneer ben je de duurzaamste kilometer en hoe meet je dat. Maar met alles wat we doen denken we vanuit duurzame ontwikkeling.“

In het stationsgebied wonen bijna tweeduizend mensen. Toen de plannen van de gemeente bekend werden gemaakt in 2019 waren niet alle inwoners het hier mee eens. De bewoners van het stationsgebied hebben de Wijkvereniging Stationsgebied Leiden opgericht. Dankzij deze vereniging werd een gesprek met de gemeente eenvoudiger.

Ineke Barnhard is de voorzitter van de wijkvereniging en Jan Tolsma doet de communicatie. Zij zijn van mening dat de huidige gebiedsvisie van de gemeente niet pandemie-, hitte-, en regenvalbestendig is. “Op dit moment zitten we in een fase dat we het op alle fronten niet eens zijn.”

Pandemieproof

De wijkvereniging richt zich voornamelijk op de openbare ruimte. “Leiden is een van de meest versteende steden van Nederland. Zolang het klimaat oké was, is dat niet echt een grote ramp. Maar het klimaat komt eraan, sneller dan we denken. Dit weekend is nog een ijsrots ten grote van London losgeraakt van Antarctica. Dat zijn hele alarmerende berichten.”

De wijkvereniging is het meest teleurgesteld in de hoeveelheid groen dat in de gebiedsvisie staat. De gemeente is volgens de wijkvereniging alleen bezig met ‘windowdressing groen’. Daarmee bedoelen ze groenen daken en kleine plukjes groen op de openbare ruimte. “Groen is de toekomst. Als je gezond wilt leven moet je veel meer bomen hebben en niet van die mini boompjes die de gemeente Leiden hier plaatst.”

Ook denkt de wijkvereniging dat het gebied pandemieproof ingericht moet worden. “Wij denken dat we meer openbare ruimte moeten hebben. De gemeente wil vooral gebouwen neerzetten en als er wat overblijft is dat openbare ruimte. Terwijl deskundigen zeggen dat we voorlopig nog te maken hebben met pandemieën.” Volgens de wijkvereniging doet de gemeente de handen voor de ogen. “In hun gebiedsvisie staat niks over corona.”

Verstoppertje

Ineke en Jan zijn ervan overtuigd dat de gemeente rekening moet houden met de trek van de stad naar het plattenland. Volgens de wijkvereniging is dit een ware trend door corona. “We gaan naar twee of drie dagen thuiswerken. Dan is de plek waar je woont veel minder afhankelijk van de plek waar je werkt. Ze willen hier heel veel kantoren bouwen, maar daar is geen markt voor.”

Over de communicatie tussen de wijkvereniging en de gemeente zijn Ineke en Jan ook niet te spreken. “De gemeente hier heeft heel veel moeite om met burgers te praten. We hebben vorig jaar met verschillende mensen gesproken, ook van de coalitiepartijen, en een uur lang uitgelegd wat er misgaat. En dan toch hebben ze de brutaliteit om te zeggen: goh, dat signaal heeft ons niet echt bereikt. Ze spelen verstoppertje.”

Toch heeft de wijkvereniging er vertrouwen in dat het uiteindelijk goed komt. “We hebben onze visie ingediend en dat moeten ze serieus nemen. Er zit een aantal kernpunten in onze visie die onontkoombaar zijn. De gemeente kan wel zeggen dat we ongelijk hebben, maar je kan via een besluit niet de werkelijkheid veranderen. Het klimaat en corona past zich niet aan die besluiten aan.”

Twintig jaar

Peter Heida van de gemeente Leiden zegt dat ze zeker rekening houden met de gevolgen van de pandemie, maar de druk op de woningmarkt blijft hoog. “We staan als stad voor een enorme opgaven om meer woningen te realiseren. Vooral voor jongeren, want daar is een enorm gebrek aan.” Door meer aandacht te hebben voor groen en de openbare ruimte proberen ze te anticiperen op de effecten van corona. “Wanneer je met veel mensen bij elkaar woont moet je ook veel ruimte creëren voor groen. Dat wil niet zeggen dat je er één groot park van kunt maken. Het is de bedoeling dat je de parken die er zijn, heel goed maakt.”

Volgens Peter Heida is het helemaal niet zo gek dat dit project zo lang duurt. “Als je naar alle stationsgebieden in Nederland kijkt, zijn dat allemaal planontwikkelingen, die duren soms wel twintig jaar. Dat heeft te maken met de vele belanghebbenden, de kosten die ermee gemoeid zijn en trends en ontwikkelingen. Dat kun je niet in een paar jaar doen.”

8 maart 2021 |
Sanne De Weers
Student minor Journalistiek en Nieuwe Media 2020/2021